achtergrond

HET VERHAAL VAN FRANS

Mijn partner gaat vreemd

Het begint in de zomer van 2005. Doordat ik een geslachtsziekte heb – en zelf nooit iets met een andere vrouw heb gehad – kom ik er achter dat mijn toenmalige partner vreemdgaat. Eerst ontkent ze, dan verzint ze een verkrachting om de geslachtsziekte te verklaren en weer wat later geeft ze uiteindelijk haar verhouding toe. Ik ben er kapot van.

Mijn ex en ik hebben dan ruim 20 jaar een relatie en we hebben samen twee kinderen. We hebben het goed, in alle opzichten. Ik heb een goede baan, we wonen in een mooi huis en we hebben een leuk sociaal leven.

Ik zie het totaal niet zitten om met deze vrouw, die mij zo heeft belazerd, verder te gaan. Alleen om de kinderen probeer ik er met haar toch nog iets van te maken. Ze heeft ongelooflijk veel spijt en laat me op allerlei manieren weten dat ik haar grote liefde ben en dat ze met mij verder wil om samen de kinderen te zien opgroeien. Ze denkt de relatie te kunnen redden door zich ten opzichte van mij op seksueel gebied steeds extremer te gedragen. Ze komt met allerlei voorstellen om ons seksleven spannender te maken en wil in allerlei posities gefilmd en gefotografeerd worden. Zij geniet zichtbaar, ik niet…

Het mag allemaal niet baten, ik kan en wil niet verder met haar. Hoe erg ik het ook vind voor onze kinderen. Ik zet definitief een punt achter onze relatie. Mijn ex vertrekt en gaat bij haar moeder wonen. De kinderen blijven bij mij.

Haar dubbelleven

Mijn ex woont niet ver bij ons vandaan en komt regelmatig bij ons, ze eet mee of haalt de kinderen op om iets leuks met ze te gaan doen. Wij proberen samen zo goed mogelijk invulling te geven aan het ouderschap door samen naar ouderavonden te gaan, feestdagen en de verjaardagen van de kinderen samen te vieren en mijn ex is zelfs een paar dagen met onze dochter in mijn huis als ik met onze zoon op schoolkamp ga. Het gaat goed met de kinderen: er is weer rust, regelmaat en structuur in hun leven.

Waar ik op dat moment geen idee van heb is dat mijn ex in diezelfde periode de deur plat loopt bij de politie om valse aangiften tegen mij te doen. Ze vertelt dat ik haar jarenlang zou hebben mishandeld en dat ze daarom bij mij is weggevlucht. Haar doel is – dat zegt ze zelf meerdere keren in de aangiften – dat ik word opgepakt zodat de kinderen naar haar gaan. Maar als de gewenste arrestatie uitblijft, worden de vermeende gebeurtenissen steeds erger en beschuldigt ze mij ook van seksueel misbruik en uiteindelijk zelfs van jarenlange verkrachting. Deze leugens vertelt ze ook tegen haar vriendinnen, onze kennissen, buren, de huisarts, de directeur van de school van de kinderen en verder tegen iedereen die het maar horen wil.

13 februari 2006 – de arrestatie

bron: wikipedia.org

De Koepel Breda (bron: wikipedia.org)

Tijdens een schooluitje met mijn zoontje word ik ten overstaan van andere ouders, klasgenootjes en leerkrachten door de politie gearresteerd. Ik zit een paar weken in de gevangenis tussen veroordeelde zedendelinquenten. Na zes weken mag ik de gevangenis verlaten en in vrijheid de zitting afwachten, onder voorwaarde is dat ik geen contact opneem met mijn ex, maar ook niet met mijn twee kinderen. Pas jaren later vertelt een rechtspsycholoog mij dat het zelden voorkomt dat de rechter als (schorsings) voorwaarde contact met de kinderen verbiedt. Daar was – in mijn geval –  ook helemaal geen reden voor. Dat deze schorsingsvoorwaarde uiteindelijk pas na een paar jaar zou worden opgeheven, waardoor ik al die tijd geen contact mocht hebben met mijn kinderen, kon ik toen al helemaal niet vermoeden…

Een zitting lijkt er voorlopig niet te komen, ondanks aandringen van mijn advocaat. Bijna drie jaar is er volledige radio stilte vanuit politie en het openbaar ministerie. In die periode leer ik Monique kennen en probeer ik mijn leven weer een beetje op de rit te krijgen. Maar al die tijd loop ik wel met het zwaard van Damocles boven mijn hoofd, want ik kan zo weer worden opgepakt. En mijn kinderen krijg ik niet te zien. Mijn ex weigert in te gaan op mijn verzoeken om onderling contact en omgang te regelen. Op voorhand stelt ze ook dat ze zich tegen iedere vorm van contact tussen de kinderen en mij zal verzetten en ze wil me ook niet (vrijwillig) informeren over de kinderen. Met andere woorden: ik heb geen idee hoe het met ze gaat. Het wordt mij afgeraden om naar de rechter te stappen voor een omgangsregeling zolang ik nog verdachte ben en er geen zitting is geweest: dat is totaal kansloos!

Vrijspraak!

Dan ineens, schijnbaar uit het niets, besluit het openbaar ministerie dan toch – na bijna drie jaar – tot een zitting. Ondanks dat de officier van justitie alles uit de kast trekt om mij op basis van vals bewijs, veroordeeld te krijgen en er zelfs niet voor terugdeinst om op de zitting te liegen, word ik gemotiveerd vrijgesproken (april 2009). Wat waren Monique en ik blij en opgelucht; eindelijk gerechtigheid! Nu zou alles goedkomen. Politie en openbaar ministerie zouden hun fouten erkennen en voor de betrokken zedenrechercheurs zou dat zeker consequenties hebben, mijn ex zou worden vervolgd voor haar valse aangiften, mijn naam zou worden gezuiverd en last but not least, ik zou mijn kinderen weer zien!

Dat denk je op dat moment echt – naïef vinden we nu – maar dat is toch wat je verwacht als weldenkende burger in een ontwikkeld land? We leven in Nederland toch in een rechtstaat? Maar niets bleek minder waar, toen begon het pas …

Lees hoe het verder gaat →